Commissie: Voertuigen
Categorie: (non)conformiteit
Jaartal: 2025
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: gegrond
Referentiecode:
841844/979353
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
De consument kocht op 18 juli 2023 een buitenbankstel. In februari 2024 meldde zij een klacht over kuilvorming en een hoogteverschil in de vulling. De ondernemer wilde de bank laten onderzoeken door een externe partij, maar verbond daaraan voorwaarden. De consument weigerde dit. Een onafhankelijke deskundige stelde vast dat er sprake is van een productiefout. De commissie oordeelt dat de bank niet voldoet aan de overeenkomst en dat de consument recht heeft op ontbinding van de koop. De ondernemer moet de bank terugnemen en de koopprijs terugbetalen. De klacht is gegrond.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
De consument heeft de klacht voorgelegd aan de ondernemer.
Het geschil betreft de vraag of de consument een koopovereenkomst met betrekking tot een buitenbankstel mag ontbinden.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
Op 18 juli 2023 heeft de consument een bankstel voor buiten gekocht. Op 25 februari 2024 heeft de consument een klacht gemeld bij de ondernemer. Er is sprake van een kuil/split in de voering en een inzakking. Helaas biedt de verkoper geen vervanging of kosteloze reparatie aan. De consument wenst daarom de overeenkomst te ontbinden.
Standpunt van de ondernemer
Voor het standpunt van de ondernemer verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De ondernemer stelt de consument niet ontvankelijk is omdat zij de klacht niet binnen 12 maanden nadat zij bij de ondernemer heeft geklaagd bij de geschillencommissie aanhangig heeft gemaakt.
Inhoudelijk voert de ondernemer het volgende aan. Nu de bank al bijna twee jaar in gebruik is, wil de ondernemer de bank laten onderzoeken door [derde partij]. [Derde partij] is een onafhankelijke partij die de schade kan beoordelen. [Derde partij] zal de bank ter plekke beoordelen en daar een rapport over opmaken. Eventueel kan [derde partij] ook direct eventuele klachten verhelpen. Aan de hand van dat rapport zal de ondernemer beoordelen of de klacht gegrond, dan wel ongegrond is. Indien aan de hand van dat rapport de klacht gegrond wordt verklaard, zijn de kosten voor het inschakelen van [derde partij] voor de ondernemer. In dat geval zal de ondernemer de klacht ook verhelpen en indien dit niet mogelijk is, zorgen voor een vervangend of nieuw product. Indien de klacht ongegrond is, zijn de kosten voor het inschakelen van [derde partij] voor de consument. De kosten van een [derde partij] onderzoek bedragen € 175,–.
[Derde partij] heeft hierover het volgende gemeld:‘Jazeker, wanneer de lijmverbinding los is kan deze ter plaatse opnieuw gelijmd worden. De kosten zijn rond de 175,00 euro excl. BTW. Zouden wij voor onze rekening kunnen nemen. De klant heb ik nu gebeld, maar dat wil ze niet. Zij wil van de bank af. Ik heb haar gezegd dat [ondernemer] recht heeft op herstel voordat wij overgaan tot omruiling/retour. Omdat wij dit vorig jaar niet hebben aangeboden, wil ze dit nu niet meer. Voor Tuin hebben wij normaal gesproken geen monteurs, echter deze bank is een uitzondering waarbij het nu wel mogelijk is.’
De consument heeft geweigerd om mee te werken aan een beoordeling van de klacht door [derde partij]. Hierop heeft de ondernemer de klacht afgewezen, omdat de klacht op basis van de toegestuurde foto’s niet kan worden beoordeeld.
De bevindingen van de deskundige
Het bankstel is in opdracht van de Geschillencommissie onderzocht door een deskundige. Deze heeft als volgt gerapporteerd:
“Er zijn 2 afzonderlijke klachten die ook als zodanig moeten worden bekeken en beoordeeld.
1. Kuilvorming op een van de zitplekken en het rimpelen/ golven van de bekleding op dezelfde plek.
2. Op een deel van de bak zit een hoogteverschil.
1. Als je op de bedoelde plek gaat zitten en op een andere plek die dit niet heeft voel je inderdaad verschil. Dat dit de meest gebruikte plek is zal helder zijn en is dan ook weer terug te zien in het golven van de stof. Volgens de deskundige is de inzakking zeker waarneembaar maar niet zodanig dat dit ernstig of veel is. Hij beschouwd dit als normaal voor het product en gebruik. Het golven van de stof heeft een oorzaak en meerdere redenen dat dit gebeurt. oorzaak is helder: Gebruik. Hoe komt dit nu? De bank is een model wat buiten in weer en wind kan staan en is in zijn geheel vast gestoffeerd en wel zo geconstrueerd dat er tussen rugdeel en zitdeel een kier zit waar het water weg kan lopen. De zitting is dan ook in zijn geheel bekleed en zo genoemd een vaste stoffering. De bekleding die er op zit is niet waterdoorlatend en om dat te bewerkstelligen is hij aan de achterzijde voorzien van een afdeklaag zodat hij water ondoorlatend is geworden. Als je dit gaat belasten en op een verende ondergrond doet, moet de stof wat gaan uitrekken om mee te bewegen. Doordat de aangebrachte achterlaag niet erg veerkrachtig is veert deze op termijn niet meer terug en ontstaan er golven in de bekleding. Al met al niet het fraaiste gezicht maar dit is niet te voorkomen bij deze bekleding met deze stoffering.
2. Er zijn twee delen van de vulling welke aan elkaar moet zitten van elkaar losgekomen. Zonder de bank te slopen lijkt het er op dat beide delen normaliter aan elkaar gelijmd zitten ( twee delen van een koudschuimtype) Dit is echt een productiefout welke niet mag voorkomen en geen oorsprong vindt in gebruik.”
De deskundige noemt het gebrek ernstig en opvallend. De reparatiekosten worden geschat op € 689,70.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
Het ontvankelijkheidsverweer van de ondernemer wordt verworpen nu het uitgaat van onjuiste feiten. De klacht is op 25 februari 2024 bij de ondernemer gemeld en op 29 januari 2025 aanhangig gemaakt. De termijn van 12 maanden was nog niet verstreken.
Op grond van het rapport van de deskundige, dat niet door de ondernemer is weersproken, stelt de commissie vast dat sprake is van een ernstig gebrek aan de bank, dat te wijten is aan een productiefout. In zoverre beantwoordt de bank niet aan de overeenkomst op een wijze die in beginsel de ontbinding van de koopovereenkomst rechtvaardigt.
Voor zover de ondernemer betoogt dat hij niet in de gelegenheid is gesteld de bank te herstellen, doet hij dat tevergeefs. De ondernemer had immers aan het aanbod om te herstellen geen voorwaarden mogen verbinden op de manier waarop hij dat heeft gedaan. De geschillencommissie doelt in het bijzonder op de voorwaarde dat de consument zou meewerken aan een onderzoek door een door de ondernemer aan te wijzen deskundige, die, indien de ondernemer tot het oordeel komt dat er geen sprake is van een gebrek, door de consument zou moeten worden betaald. Deze werkwijze is niet geoorloofd en de consument hoefde daaraan niet mee te werken.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De Geschillencommissie bepaalt dat de koopovereenkomst is ontbonden. De ondernemer dient binnen twee weken na de datum van deze overeenkomst de bank op eigen kosten terug te nemen en de koopprijs aan de consument terug te betalen.
Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 52,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Thuiswinkel, bestaande uit de heer mr. H.F.R. van Heemstra, voorzitter, de heer W.H.X. Amian, de heer mr. P. P. van der Neut, leden, op 26 mei 2025.