Energie geleverd tot 2 maart: klacht over eindafrekening ongegrond

De Geschillencommissie




Commissie: Energie    Categorie: Jaarafrekening    Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies   Uitkomst: ongegrond   Referentiecode: 252360/371862

De uitspraak:

Waar gaat de uitspraak over?

De consument klaagde dat hij na opzegging van zijn energiecontract in januari 2023 geen energie meer zou hebben afgenomen. De ondernemer stelt dat de levering pas op 2 maart 2023 is beëindigd en dat de consument tot die datum moet betalen. De commissie oordeelt dat de eindafrekening correct is opgesteld en dat de klacht ongegrond is. Het depotbedrag van € 1.101,97 wordt aan de ondernemer overgemaakt.

De volledige uitspraak

Samenvatting
De ondernemer heeft tot 2 maart 2023 aan de consument energie geleverd. Tot die datum moet de consument betalen.

Beoordeling
Standpunt van de consument

Na opzegging van mijn contract bij ondernemer heb ik eind januari de eindstanden doorgegeven. Deze standen zijn ook de beginstanden van mijn nieuwe leverancier. Nu claimt ondernemer dat ik ook in februari 2023 nog aan hen moet betalen. Ook hebben ze geen rekening gehouden met tussentijdse tariefwijzigingen. Ik heb meerdere malen verzocht om de communicatie rondom mijn opzegging en een volledige onderbouwing van de eindafrekening. Tot op heden heb ik die niet ontvangen. Ik stel voor om 250 euro te betalen voor afrekening verbruik 2022.

Standpunt van de ondernemer

Het klopt inderdaad dat de klager begin 2023 een overstap heeft gemaakt naar energieleverancier. De verantwoordelijkheid van de verwerking van deze overstap ligt echter bij energieleverancier en als de klager in de veronderstelling was dat hij per een specifieke datum klant bij hun zou worden, dan ligt de eventuele schuld hiervan bij energieleverancier. Wij hebben namelijk pas op 1 maart 2023 doorgekregen dat de klager wou overstappen en hebben daarop de levering per 2 maart 2023 beëindigd. Alle genoten energie tot 2 maart 2023 dient daarom bij ons afgerekend te worden.

Het klopt dat wij op 28 januari 2023 een e-mail aan de klager hebben verstuurd om de meterstanden op te vragen. Hoewel de klager het toegevoegde bestand “Verzoek eindstanden 28 januari 2022” heeft genoemd (hoewel dit natuurlijk 2023 moet zijn), is dit niet de titel van de email, noch suggereert de e-mail dat het om meterstanden voor de eindnota gaat. Waar het wel om gaat is dat wij vanuit de overheid de verplichting kregen om in 2023 de meterstanden per maand op te vragen om het prijsplafond te bepalen. Bij een slimme meter lezen wij deze standen automatisch uit, maar omdat de slimme meter van de klager niet uit te lezen was (wellicht omdat de klager de slimme meter administratief uit heeft laten zetten) dienden wij de meterstand op te vragen.

Het is incorrect dat wij niet de verschillende tarieven op een jaar -of eindnota gebruiken om de jaar -of eindnota op te maken. De tarieven die contractueel zijn overeengekomen of tijdig zijn gecommuniceerd per e-mail (bij een variabel contract) worden altijd gebruikt voor de berekening van de afrekening en zijn zichtbaar in de notaspecificatie. Wij hebben de klager geleverd tot 2 maart 2023. Op 1 maart 2023 hebben wij vernomen dat de klager overstapte naar een andere energieleverancier. Het klopt dan ook dat wij in de maand februari de klant nog beleverd hebben. Het opvragen van de meterstanden eind januari 2023 was in verband met het prijsplafond, niet om de eindnota te berekenen.

Oordeel van de commissie

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting onderschrijft de commissie het standpunt van de ondernemer. Naar het oordeel van de commissie valt op de eindafrekening van de ondernemer aan de consument niets af te dingen. De klacht treft geen doel. Het in depot gestorte bedrag komt de ondernemer toe.

Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht ongegrond is.

Derhalve wordt als volgt beslist.

Beslissing
Het door de consument verlangde wordt afgewezen.

Met inachtneming van het bovenstaande wordt het depotbedrag als volgt verrekend.
Aan de ondernemer wordt € 1101,97 overgemaakt.

Aldus beslist door de Geschillencommissie Energie, bestaande uit de heer mr. D.J. Buijs, voorzitter, de heer mr. F.J. Pirard , de heer drs. L. van Rootselaar , leden, op 2 oktober 2024.

Print/PDF