Commissie: Waterrecreatie
Categorie: Terugbetaling
Jaartal: 2024
Soort uitspraak: Bindend Advies
Uitkomst: gegrond
Referentiecode:
358095/ 541806
De uitspraak:
Waar gaat de uitspraak over?
Een consument huurde een zeilschip (Tjalk) voor het weekend van 15 tot 18 december 2023. Vanwege storm werd de huurperiode in overleg met de ondernemer verplaatst naar 22 tot 24 maart 2024. Een dag voor vertrek liet de ondernemer per e-mail weten dat het schip kapot was en niet kon worden gebruikt. Er was geen vervangend schip beschikbaar. De borgsom van €750 werd direct teruggestort, maar de huursom van €1.014,99 werd ondanks toezegging niet terugbetaald. De ondernemer gaf geen reactie op de klacht. De Geschillencommissie Waterrecreatie oordeelde dat de klacht gegrond is en dat de ondernemer binnen drie weken de huursom moet terugbetalen. Ook moet hij het klachtengeld van €102,50 vergoeden.
De volledige uitspraak
Onderwerp van het geschil
De consument heeft een platbodem gehuurd. Van het kunnen gebruiken van de platbodem tijdens de huurperiode is het niet gekomen. De consument verlangt terugbetaling van de huurprijs.
Standpunt van de consument
Voor het standpunt van de consument verwijst de commissie naar de overgelegde stukken. In de kern komt het standpunt op het volgende neer.
De consument heeft een zeilschip (Tjalk) gehuurd voor de periode van 15 december tot 18 december 2023. De huur en de borgsom zijn voldaan. Dat weekend zou het slecht weer worden (storm) dus is in overleg met de ondernemer de huurperiode verschoven naar 22 maart tot en met 24 maart 2024. Op 21 maart 2024 ontving de consument aan het einde van de middag per e-mail bericht dat het schip kapot was en dat het varen geen doorgang kon vinden. Er was geen alternatief beschikbaar. De borg heeft de ondernemer direct teruggestort, de huurprijs zou een week later worden teruggestort. Dat is echter niet gebeurd. De consument verlangt terugbetaling van de huur van € 1.014,99.
Standpunt van de ondernemer
De ondernemer is in de gelegenheid gesteld om op de klacht te reageren. De ondernemer heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.
Beoordeling van het geschil
De commissie heeft het volgende overwogen.
De consument heeft bij de ondernemer een Tjalk gehuurd voor de periode van 15 december 2023 om 14.00 uur tot 18 december 2023 om 10.00 uur voor een bedrag van € 1.014,99. Daarnaast was de consument een borgsom verschuldigd van € 750,–.
Dat de consument de huur en de borgsom heeft voldaan is door de ondernemer niet weersproken. Evenmin is in geschil dat de huurperiode vanwege slecht weer is verschoven naar 22 maart tot en met 24 maart 2024 en dat, toen ook deze huurperiode niet kon doorgaan, de ondernemer de borgsom aan de consument heeft terugbetaald.
Uit het overgelegde e-mailbericht van 21 maart 2024 blijkt dat de ondernemer heeft toegezegd de huursom aan de consument terug te betalen. Dat heeft hij echter niet gedaan. De commissie zal bepalen dat de ondernemer binnen drie weken na de datum van deze beslissing de huursom aan de consument dient te betalen.
Op grond van het voorgaande is de commissie van oordeel dat de klacht gegrond is.
De ondernemer is overeenkomstig het reglement van de commissie gehouden om het klachtengeld aan de consument te vergoeden. Bovendien is hij behandelingskosten aan de commissie verschuldigd.
Derhalve wordt als volgt beslist.
Beslissing
De commissie:
Bepaalt dat de ondernemer binnen drie weken na de datum van deze beslissing een bedrag van € 1.014,99 aan de consument dient te betalen.
Bovendien dient de ondernemer overeenkomstig het reglement van de commissie een bedrag van € 102,50 aan de consument te vergoeden ter zake van het klachtengeld.
Overeenkomstig het reglement van de commissie is de ondernemer aan de commissie behandelingskosten verschuldigd.
Aldus beslist door de Geschillencommissie Waterrecreatie, bestaande uit de heer mr. J.N. de Blécourt, voorzitter, de heer J. Zetzema , mevrouw mr. M.T. Buiting , leden, in aanwezigheid van mevrouw mr. L. Kramer, secretaris, op 2 december 2024.